Het internationale evenement beleeft de eerste editie in 1971. Op het Erve Lankheet komen 45 deelnemers uit zes landen aan de start. De Engelse amazone Janet Hodgson is met Larkspur de eerste op de ondertussen lange lijst van winnaars. In dit artikel kijken we terug op de 55-jarige historie van het evenement dat al jaren wereldwijd aanzien geniet.
Uitgerekend een Twentse ruiter speelt een absolute hoofdrol in de eerste aflevering. Hans Brugman jr. wint het onderdeel dressuur en is ook nog veruit de snelste deelnemer in de crosscountry. Dat ondanks een valpartij op de watercombinatie met zijn paard Another Lady, waardoor helaas een absolute topklassering een illusie blijkt. Met Autumn Bronze wordt Eddy Stibbe de eerste nationale kampioen op Boekelose bodem.
Koninklijk bezoek
Twee jaar later is er koninklijk bezoek uit Engeland. Prinses Anne is net als haar toenmalige echtgenoot Captain Mark Phillips deelnemer en dat levert veel extra bezoek op in en rond het Teesinkbos, dat sinds het jaar ervoor als basislocatie dient. Phillips wordt nog bijna winnaar ook. Met Laureate II moet hij alleen voorrang verlenen aan regerend Olympisch kampioen Richard Meade uit Engeland met Wayfarer. Prinses Anne komt al op de toen nog verreden steeplechase ten val. In de beginjaren van Military Boekelo-Enschede is ook Prins Bernhard een keer te gast. Hij spreekt (midden op foto rechts) onder meer uitgebreid met vanaf links Joop Melching, Jan Stokkentré, Karel Denneboom en Hans van Amerongen van de organisatie.
Regen en mist spelen de vierde en vijfde editie van de Military in de Twentse dreven danig parten. In het eerste geval wordt de steeple ingekort en de toegestane tijd in de crosscountry verlengd. Dominique Bentejac wint met Aragon en met het team van Frankrijk de landenwedstrijd. In 1975 rijdt bijna de helft van de deelnemers de wedstrijd niet uit vanwege zeer dichte mist. De zege is voor de Engelse topamazone Lucinda Green met Wide Awake.
Twee keer de beste
Daarna is het de beurt aan de Duitser Horst Karsten, die in 1976 en 1977 met Sioux als eerste twee keer zegeviert en dat ook nog eens direct na elkaar. Zijn voorbeeld wordt daarna door nog eens twaalf ruiters gevolgd. Twee jaar later zorgt de Duitse Nederlander Henk Kruger bijna voor een stunt. Met Octaaf eindigt hij knap als tweede. Even fraai is de eindzege van de pas 19-jarige Engelse young rider Ginny Strawson.
Dan maar met vliegtuig
n 1983 dreigen 34 combinaties deelname te moeten vergeten als een forse storm het onmogelijk maakt vanuit het Engelse Dover per boot naar Nederland te reizen. Mede door forse hulp van sponsors maakt de organisatie het mogelijk dat ze alsnog per vliegtuig de oversteek maken. Vanaf het vliegveld Stanstead vertrekken twee vluchten met een Hercules C130 naar het vliegveld Twenthe en zijn ze op tijd in Boekelo om toch te kunnen starten. Twee keer in al die jaren gaat de wedstrijd niet door. In 1993 gebeurt dat vanwege aanhoudend slecht weer. In plaats daarvan wordt op het hoofdterrein een show met landbouwvoertuigen gehouden. In 2020 gooit Covid 19 roet in het eten.
Robert Zandstra is al tientallen jaren betrokken bij de organisatie en sinds 2004 als voorzitter. Hij legt uit hoe Military Boekelo-Enschede in al die jaren kon uitgroeien tot een evenement van wereldallure en zich op dat niveau hoopt te handhaven. “We hebben geen massieve ambities. We willen geen Libelle Zomerweek met een groei van tienduizenden bezoekers meer. Werken aan kwaliteit is onze focus. Een evenement als Boekelo stamp je niet zomaar even elk jaar opnieuw uit de grond. In feite borduren we voort op het succes van onze voorgangers. We evalueren elke keer wat er eerder gepresteerd is. Je kunt alleen stap voor stap steeds iets groter worden.”
Nieuw succesvol format
“De eerste jaren van de 21ste eeuw kampten we met een behoorlijk tekort en was onze positie vrij ongezond. We hebben toen de koppen bij elkaar gestoken en vastgesteld dat we meer schouders onder ons evenement nodig hadden. Met het format topsport, business en pleasure zijn we daarna het grootste sportieve business-to-business evenement van Nederland geworden en bouwden we binnen een jaar of vijf een behoorlijke reserve op. Bedrijfsmatig staan we stevig in de schoenen. Jaarlijks worden alleen al zo’n 22.000 relaties uitgenodigd door de verschillende sponsors, die variërend allemaal tussen de vijftig en duizend gasten ontvangen. We hebben nu tien hospitalitytenten op het hoofdterreinen en ruim 35 in de cross.” En ook groeit het vermaarde strodorp elk jaar meer, mede door de eraan gekoppelde programmaonderdelen als de Military Classic Night Fair en vele businessevents zoals symposia, met inmiddels meer dan 4000 bezoekers aan meer dan twintig events. In 2017 werd het hoofdterrein grondig aangepast. “We beschikken over een all weather baan van internationale allure en het perceel is verder voorzien van onder meer drukriool en glasvezel. Twee jaar geleden hebben we het dak van ons hoofdgebouw vervangen en de grote hal is dit jaar helemaal gerenoveerd, waardoor we bij het begin van de komende wedstrijd over prachtige nieuwe kantoorruimtes beschikken.”
Veiligheid en sport voorop
Zandstra vervolgt: “Wil je iedereen tevreden houden, dan moet je voortdurend investeren in kwaliteit. Dat kost ook veel geld, maar het is wel het fundament onder je evenement. Stallen, fourage en stroom moeten optimaal zijn. We moeten altijd voorop lopen op het gebied van innovaties in onze sport, zeker als het gaat over de veiligheid van paarden en ruiters. Elke noviteit pakken we op en proberen we uit.” Dat was bijvoorbeeld in 2001 het geval met de introductie van de zogenoemde breekboom, bedacht door Jacob Melissen, vele jaren lang perschef van de Military. Zijn initiatief vormde de aanzet tot een andere manier van denken over de veiligheid in de crosscountry. Het leidde daarna tot het invoeren van de safety pin en momenteel zijn er de MIM-clips op hindernissen, waardoor bij extreme druk risico’s op problemen worden verkleind. Robert Zandstra: “Dat is ook weer een aardige investering, maar dat hebben we er voor over. Omdat onze focus vooral ligt op de sport, bij wat we ook doen. We vinden onszelf een van de grote promotors van onze sport. Veel kon er in het verleden ook niet, maar we hebben de mogelijkheden op verbeteringen altijd wel gegrepen als die er waren en dat zullen we blijven doen. Op het gebied van veiligheid voldoen we aan alle voorwaarden die er zijn.”